Verblijf in de tempel
Omdat ze noch een kerk noch een huis hadden, gaf de koning van Jeruzalem hen een tijdelijk verblijf in het paleis dat aan de westkant van de tempel staat.(Hun verblijf was vlakbij gebouwd naast de ruïnes van de Tempel van Solomon)
De kanunniken van de tempel verleenden hun, onder bepaalde voorwaarden, de open ruimte rond het voornoemde paleis voor de bouw van hun noodzakelijke gebouwen, en de koning, de edelen, de patriarch en de bisschoppen gaven hun, elk uit zijn eigen bezittingen, land voor hun ondersteuning. De patriarch en bisschoppen bevolen dat voor de vergeving van hun zonden hun eerste gelofte zou zijn om de wegen en vooral de pelgrims te beschermen tegen rovers en plunderaars