Na het aftreden van Evrard des Barres in 1152, trad Bernard de Tramelay aan als vierde Grootmeester van de Orde van de Tempel. Bernard werd omschreven als een ridder van adel, moed en geestelijke toewijding. Zijn regeerperiode was kort, maar intens en dramatisch.
De politieke en militaire situatie in het Heilige Land was gespannen. De Orde kreeg het zwaar te verduren, niet alleen door aanvallen van moslimstrijders, maar ook door interne machtsverhoudingen en toenemende verwachtingen vanuit de pauselijke en koninklijke machten. Bernard de Tramelay stond bekend om zijn vurige geloof en onverzettelijkheid, iets wat hem uiteindelijk ook fataal werd.
Maar waarom was hij zo vurig in zijn geloof?
Hij leefde ten tijde dat Bernardus Clairvaux. In een tijd waarin Bernardus nog sprak, schreef, invloed had.
En dat voel je, want Bernard de Tramelay:
- wasonverzettelijk,
- stondzonder aarzeling voor de Heilige Stad,
- trok ten strijdewaar anderen diplomatie wilden,
- engaf zijn leven in de aanval op Ascalon — puur uit geloof en eergevoel.
Die vurigheid komt ergens vandaan…
En ja, die kwam van zijn tijdgeest — en van Bernardus zelf.
Want Bernardus was in die tijd:
- dé geestelijke kracht achter de Tempeliers (hij schreef hun “Rule”)
- dé prediker van de Tweede Kruistocht
- dé stem die geloof koppelde aan ridderschap
Begin augustus 1153 nam hij het besluit om een gedurfde aanval te leiden op de vesting Ascalon (een kustplaats in het uiterste zuiden in het huidige Israël), die al lange tijd belegerd werd door de kruisvaarders. Ascalon was in 1153 nog in handen van de Egyptische Fatimiden. De belegering van deze stad bracht Bernard de Tramelay ver van huis — maar dicht bij zijn doel. Het toont de reikwijdte van zijn overtuiging: tot aan de uiterste grenzen van het christelijke machtsgebied streed hij voor de veiligheid van Jeruzalem.Volgens ooggetuigen slaagde een kleine groep Tempeliers erin om door een bres in de muren te breken en zich een weg te banen naar binnen. Bernard, vol vuur, leidde hen persoonlijk de stad in — zonder versterking af te wachten.
Het bleek een fatale inschattingsfout. De poort achter hen werd gesloten en de groep werd afgesneden. Wat zich vervolgens afspeelde was een tragedie: Bernard de Tramelay standvastig, tot de laatste adem werd en zijn mederidders in de nauwe straten van Ascalon overmeesterd en later werd hij op 16 augustus 1153 onthoofd.
Zijn lichaam werd weggesleept en opgehangen aan de stadsmuren van Ascalon, als waarschuwing.
Zijn dood schokte de hele Orde en markeerde het gevaar van overmoed, zelfs in dienst van de hoogste idealen.
Een paar dagen later veroverde Boudewijn III het fort en kozen de Tempeliers André de Montbard tot hun nieuwe Grootmeester.
Bernard werd postuum geëerd om zijn moed, maar ook bekritiseerd om zijn impulsiviteit. Zijn opvolger, André de Montbard, zou een meer berekende koers varen. Zijn leven was kort, zijn dood gewelddadig, maar zijn geest leeft voort en werd het symbool voor het vuur van de Orde die liever viel dan vluchtte.